1. Nationaal park Gran Paradiso
Nationaal Park Gran Paradiso doet zijn naam eer aan. Dit paradijselijke natuurgebied is enorm en reikt tot 4000 meter hoogte. Het is het oudste nationale park van Italië; het kreeg in 1922 al een beschermde status. De 4061 meter hoge Gran Paradiso torent uit boven het leefgebied van duizenden steenbokken, gemzen en lynxen. Steenarenden vliegen over het ongerepte landschap. Er ligt in het park maar liefst 1000 km aan wandel- en mountainbikepaden. Hoeveel bloemenweiden en sneeuwhellingen verveelt nooit. pngp.it dagen je er ook doorbrengt, het uitzicht vanaf de bergpassen over de bloemweiden en sneeuwhellingen verveelt nooit. Pngp.it
2. Skyway Monte Bianco
In de Skyway Monte Bianco is de reis het doel. Deze hypermoderne kabelbaan is niet alleen handig en snel om zonder spannende capriolen op bijna 3500 meter hoogte te komen, het ritje in de glazen cabines is een belevenis op zich. De cabines draaien langzaam rond, zodat je geen bergtop mist. Je legt de reis in twee delen van zo’n vijf minuten af. Halverwege, in de botanische tuin bij het tussenstation Pavillon The Mountain, bewonder je (in de zomer) honderden alpine plantensoorten. Meer een vinoloog dan een bioloog? Bezoek dan de Cave Mont Blanc, een wijnmakerij voor mousserende wijn op ruim 2100 meter hoogte. Als je met de glazen bol verder omhoog gaat, sta je op 3466 meter op Punta Helbronner. Vanaf het panoramaterras kijk je uit op de toppen van de Mont Blanc en op heldere dagen ook op die van de Matterhorn, Monte Rosa en Gran Paradiso. montebianco.com
3. Castello di Sarre
Het Castello di Sarre staat trots op een heuvel boven de vallei. De basis voor dit statige bouwwerk tussen de bergen werd al in de Middeleeuwen gelegd en in de 19e eeuw verbouwde koning Victor Emanuel II het tot zijn jachtslot. Het is goed bewaard gebleven en je kunt er dwalen door de mooie zalen versierd met kleurrijke fresco’s. Dat de vroegere bewoners dol waren op jagen, wordt duidelijk in de galerijen vol jachttrofeeën. Honderden hoorns van steenbokken en gemzen zijn in de decoraties verwerkt. valledaostaheritage.com
4. Watervallen van Lillaz
Bij het dorpje Lillaz stort de Urtier-rivier luid naar beneden. De watervallen van Lillaz bestaan uit drie spectaculaire delen en naar het laatste deel is een (kinderwagen- en rolstoelvriendelijk) wandelpad aangelegd. Door de informatieborden langs het pad begrijp je met elke stap beter hoe dit landschap is ontstaan. Op stevige schoenen kun je vanaf de laagste waterval naar hoger gelegen uitkijkpunten wandelen. In de winter bevriest de waterval tot een speeltuin voor ijsklimmers.
5. Aosta
Het waren de Romeinen die de stad en naamgever van de vallei, stichtten. Midden in Aosta staan talloze ruïnes als afgebrokkelde getuigen van 2000 jaar aan veranderingen. Eerst een cappuccino op een gezellige piazza, dan naar het Teatro Romano of de Porta Praetoria. In het theater worden nog altijd concerten gegeven en de Romeinse stadspoort geeft toegang tot het oude centrum. Al wandelend kom je op de mooiste plekken, langs de leukste cafés en terrassen en in de etalages van oude panden pronken handgemaakte souvenirs. Kleine delicatessenzaken verkopen regionale specialiteiten zoals motsetta (gedroogd vlees) en Fontina-kaas. De verschillende kerktorens vallen in het niet bij de omliggende witte Alpentoppen.
6. Restaurant Prasupiaz
Denk je aan Italië, dan denk je aan lekker eten. Ook de horeca in Valle d’Aosta stelt niet teleur. In het hart van Nationaal Park Gran Paradiso ligt bijvoorbeeld boerderij/restaurant Prasupiaz. Je stapt hier een wereld binnen waarin alles draait om traditie en lokale producten: je schuift aan in de eetkamer van een Alpenfamilie. Op het menu staan oude familiegerechten, zoals de romigste polenta en langzaam gegaard wild. Je proeft er natuurlijk ook de halfzachte Fontina-kaas, de trots van de vallei.
7. Val Veny
Val Veny, een groen dal aan de voet van de Mont Blanc, leent zich perfect voor mooie wandelingen. Ruig, biodivers, onaangetast, stil: dit is een heerlijke plek voor natuurliefhebbers. Tussen hoge bergwanden en gletsjers liggen goed onderhouden, gemarkeerde wandelpaden. Maak een (relatief makkelijke) wandeling over een alpenweide, bedank de koeien voor hun melk waarmee de heerlijke Fontina-kaas wordt gemaakt en zoek de perfecte picknickplek. Of neem een uitdagendere route richting de gletsjers van de Mont Blanc. Die gelato in bergdorp Courmayeur heb je na afloop zeker verdiend.











